CLB
RSS FeedWat hebt u aan anciënniteit?
Anciënniteit is belangrijk, zowel voor de evolutie van uw loon als voor uw loopbaankansen. Er zijn twee soorten anciënniteit:
- de geldelijke of weddeanciënniteit is gebaseerd op het aantal jaren dat u gepresteerd hebt in het onderwijs, bij een openbare dienst of de overheid. Ook diensten erkend als nuttige ervaring tellen mee. Weddeanciënniteit begint pas te lopen als u de minimumleeftijd van uw weddeschaal heeft bereikt. De schaal waarin u valt, hangt af van ambt, graad, onderwijsniveau en –vorm waarin u les geeft en van uw bekwaamheidsbewijzen. De eerste drie jaar krijgt u een jaarlijkse verhoging, de volgende jaren is er een tweejaarlijkse verhoging. Binnen eenzelfde weddeschaal verdient een vastbenoemde leraar meer dan een tijdelijke.
- de dienstanciënniteit is gebaseerd op het aantal jaren dat u als leraar lesgeeft. Of u tijdelijk of vastbenoemd bent en een volledige of onvolledige opdracht uitoefent, wordt verschillend in rekening gebracht. Uw dienstanciënniteit is bepalend voor een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur of vaste benoeming.