CLB

RSS Feed

Straks één computer per leerling?

04 mei 2010
ICT

Eén pc voor elke zes leerlingen in de basisschool, één per drie leerlingen in de secundaire scholen. Zo ziet het computerpark in de Vlaamse scholen eruit volgens nieuw onderzoek in opdracht van het onderwijsministerie. De cijfers slaan op het schooljaar 2007-2008, het aantal computers per leerling zou intussen dus nog kunnen zijn toegenomen. In 2007-2008 zijn bovendien tien nieuwe eindtermen en ontwikkelingsdoelen voor ICT ingevoerd. Het effect daarvan moet blijken in een volgend rapport. De studie meldt ook minder goed nieuws. Zo is het computerpark van de Vlaamse scholen sterk verouderd: in het basisonderwijs is de helft en in het secundair onderwijs een derde van de pc's ouder dan vier jaar. En hoewel Europa alle scholen online wilde hebben tegen 2001, hebben zeven jaar later bijna 5 procent van de Vlaamse basisscholen en 3 procent van de secundaire scholen nog altijd géén internetverbinding voor didactische doeleinden. Uit het onderzoek blijkt voorts dat de meeste leraren overtuigd zijn van het nut van ICT, maar ze geven er gemiddeld te weinig les mee om de meerwaarde van ICT te bewijzen. Zelf zeggen ze dat ze zich onvoldoende in staat voelen om er voluit mee te werken tijdens de les. Nog volgens de studie zouden veel problemen met ICT (aankooppolitiek, infrastructuur, beheer en onderhoud, rol ICT-coördinatoren ...) te wijten zijn aan te weinig beleidsvoerend vermogen van scholen.

De cijfers
In de Vlaamse basisscholen beschikken gemiddeld elke 6,3 leerlingen over één pc. In scholen voor buitengewoon basisonderwijs draait één computer per 3,5 leerlingen. In de secundaire scholen staan er meer computers: 1 pc per 3 leerlingen in het gewoon secundair onderwijs, 1 pc per 4,3 leerlingen in het buitengewoon. Een en ander blijkt uit onderzoek in opdracht van het onderwijsministerie. De cijfers dateren van schooljaar 2007-2008, het jaar dat tien nieuwe eindtermen en ontwikkelingsdoelen voor ICT zijn ingevoerd. Het effect daarvan kan uit deze studie nog niet worden afgeleid.
Het computerpark van de Vlaamse scholen is op twaalf jaar tijd sterk gegroeid. Ter vergelijking: in 1998 beschikten basisscholen over 1 pc per 74 leerlingen; secundaire scholen hadden 1 pc voor elke 22 leerlingen. Dat jaar startte ook het PC/KD-project, een overheidsinjectie van meer dan 67 miljoen euro om alle Vlaamse scholen van computers te voorzien. Het resultaat: in 2003 beschikten gemiddeld alle Vlaamse scholen over minstens één computer voor tien leerlingen. Die verhouding wordt dus nog altijd kleiner.

Hoogbejaard
Toch is alles niet koek en ei. Het huidige computerpark van de Vlaamse scholen is sterk verouderd: in het basisonderwijs is de helft en in het secundair onderwijs een derde van de pc's ouder dan vier jaar. Hoogbejaard voor een computer. In de basisschool is slechts één pc op de tien jonger dan een jaar, in het secundair onderwijs maar één op de zes. Op de vraag waar scholen hun computers vandaan halen, antwoorden basis- en secundair onderwijs heel verschillend. Zo krijgen basisscholen bijna een kwart van hun computers cadeau van derden, terwijl dat in het secundair onderwijs maar vijf procent is. Secundaire scholen kopen 75 procent van hun computers nieuw aan, basisscholen een kleine 40 procent. Maar in het algemeen zijn directeurs en leraren redelijk tevreden over de computerinfrastructuur in hun school.

 Apart lokaal of in de klas?
Waar staan al die schoolcomputers? Ook hier zien we grote verschillen tussen basis en secundair, die vergeleken met tien jaar geleden weinig veranderd zijn. De basisschool verdeelt 60 procent van zijn computers over alle klaslokalen, het secundair zet 60 procent van zijn pc's in aparte computerlokalen en verdeelt slechts 22 procent over de gewone lokalen. Daardoor beschikken nog heel wat leraren niet over een computer in hun klas.

Lokaal netwerk
Hoewel Europa alle scholen online wilde hebben tegen 2001, heeft anno 2008 bijna 5 procent van de basisscholen en 3 procent van de secundaire scholen géén internetverbinding voor didactische doeleinden. Draadloze netwerken vind je in bijna de helft van de secundaire scholen en in een derde procent van de basisscholen. De cijfers voor een intern netwerk liggen nog hoger. Maar volgens de onderzoekers staan er zo veel computers in de Vlaamse scholen, dat ze eigenlijk allemaal een lokaal netwerk zouden moeten hebben.

Speciale software
Zowel in het basis- als in het secundair onderwijs beschikt slechts één school op de drie over software voor leerlingen met functiebeperkingen. Je zou verwachten dat die software meer te vinden is in scholen met GOK-uren, maar dat is vreemd genoeg niet het geval. In het secundair onderwijs blijken scholen zonder GOK-uren zelfs meer dergelijke software in huis te hebben. Wel logisch is het feit dat scholen voor buitengewoon onderwijs die software meer aanbieden dan scholen voor gewoon onderwijs.

Een pc thuis
Hebben alle directeurs, leraren en leerlingen ook thuis een pc? Dat blijkt. Van de basisschoolleerlingen zegt 2,2 procent thuis niet over een computer te kunnen beschikken; van leerlingen in het secundair onderwijs is dat één procent. Leraren gebruiken massaal een computer, maar dat doen ze vooral om hun lessen voor te bereiden. Ze gebruiken ICT in het algemeen weinig in de les en het minst van al om leerlingen te evalueren. Enkel informatie opzoeken is een redelijk goed ingeburgerde lesactiviteit. Toch zeggen heel wat leraren (31 procent basisonderwijs, 26 procent secundair onderwijs) dat ze dagelijks of wekelijks computerpresentaties gebruiken in de klas, en de meesten doen dat al zes of zeven jaar. Presentaties geven is echter geen interactieve activiteit.

ICT-competenties
Communiceren met leerlingen doet het gros van de leraren zelden of nooit met de pc. Als dat gebeurt, dan vooral in het secundair onderwijs. Ten slotte geven leraren volmondig toe dat ze zich nog onvoldoende in staat voelen om de pc in te zetten tijdens de les. Op een schaal van 1 op 5 geven ze zichzelf gemiddeld 2,97 voor hun ICT-competenties. Mannen (3,33) geven zichzelf een hogere score dan vrouwen (2,86). Directies geven hun leraren hogere scores. Zij denken dat minstens de helft van hun leraren heel wat ICT-competenties onder de knie hebben.

ICT-coördinatoren

Ten slotte zegt het onderzoek ook iets over ICT-coördinatoren. Hoewel van een ICT-coördinator verwacht wordt dat hij zich niet enkel met de technische kant van het computerpark op school bezig houdt, blijft dat toch zijn grootste tijdvreter. Slechts in driekwart van de basisscholen en in 65 procent van de secundaire scholen biedt hij ook didactische steun. Uit andere studies blijkt dat, ondanks de vervrouwelijking van het onderwijs, vooral mannen de taak van ICT-coördinator op zich nemen. Naar verluidt een bewijs dat de job nog altijd heel technisch georiënteerd is, en dat spreekt meer mannen aan dan vrouwen.

 'Monitor ICT in het Vlaamse Onderwijs' (MICTIVO), OBPWO-studie in opdracht van het Vlaams ministerie van Onderwijs, uitgevoerd door UGent en KULeuven. De studie bevat ook cijfers voor de basiseducatie.





Subsub