CLB
RSS FeedDe taalproef: nieuwe toelatingsvoorwaarde voor lager onderwijs
Leerlingen die zes jaar oud zijn kunnen worden toegelaten tot het gewoon lager onderwijs als ze het voorafgaande schooljaar 220 halve dagen aanwezig waren in een Nederlandstalige school (voor vijfjarigen zijn dat 185 halve dagen). Wanneer ze aan die voorwaarde niet voldoen, kunnen ze, als ze slagen voor een proef die hun kennis van het Nederlands nagaat, worden toegelaten. Die nieuwe toelatingsvoorwaarde tot het Nederlandstalig gewoon lager onderwijs geldt vanaf het schooljaar 2010-2011. Naast deze specifieke toelatingssvoorwaarde gelden uiteraard alle algemene toelatingsvoorwaarden.
De lagere school waar het kind zich wil inschrijven en het CLB waarmee die school een beleidscontract heeft, spreken onderling af wie de taalproef afneemt. Die keuze wordt gemaakt op het niveau van de school, niet per individuele leerling. Als de school de taalproef afneemt, geeft ze dit eenmalig door aan AgODi via mail (zie bijlage 1 van de omzendbrief). Dat moet alvorens de proef af te nemen en uiterlijk op 15 juni. Pas na die melding én nadat er zich effectief een leerling aanbiedt die de taalproef moet afleggen, ontvangt de school via het CLB het testmateriaal. Daarin zit een handleiding met instructies op het vlak van de procedure, de eigenlijke afname van de proef en de scoringsregels.
Alle info over de modaliteiten van de taalproef vind je in de nieuwe omzendbrief. Nog vragen? Vind het antwoord in de vernieuwde online FAQ.